Knap het dorp op zonder stadse fratsen!

REPORTAGE door Quirijn Visscher
Uit: De Verdieping van Trouw van vrijdag 2 december 2011

 

Dorpsbouwkundige Lucas Reijmer adviseert dorpsverenigingen van kleine kernen in Gelderland

Oene wil de muziektent verplaatsen. Die staat nu achteraf. De Oenenaren willen meer leven in de brouwerij tegenover café-restaurant Dorpszicht. Dat uitzicht is nu een grauwe en lege gymzaal. Wat te doen? Dat is nu precies een kolfje naar de hand van dorpsbouwkundige Lucas Reijmer. Zijn idee: maak een plein op de plek van de gymzaal. Geen stenen dorpsplein, maar een groene plek. Hij maakte een plan waarmee het dorp naar het raadhuis in Epe kan stappen.

Reijmer werkt als architect bij Gelders Genootschap, een adviesorganisatie voor ruimtelijke kwaliteit in Arnhem. Hij treedt ook op als een dorpsbouwkundige voor Gelderlands kleinere kernen (maximaal 6000 inwoners). Dorpsverenigingen kunnen hem inhuren voor twaalf uur per project via de Vereniging van Kleine Kernen Gelderland. In Oene was de muziekkoepel de aanleiding. Maar het mag ook een sportveld zijn.

De dorpsbouwkundige is een jong fenomeen. Vakgenoten kent Reijmer niet. In zijn branche is deze werkwijze nieuw. Gelders Genootschap doet veel welstandscommissiewerk. Nu het Rijk veel welstandsverplichtingen wil schrappen, verandert de wereld van schoonheidscommissies. De dorpsbouwkundige toont dat deskundig advies ook via dorpsverenigingen de raadhuizen kan bereiken. Van onderop. En in een vroeg stadium, zoals in Oene.

Oene (1500 inwoners) ben je zo rondgewandeld. De Nederlandse hervormde kerk vormt het middelpunt. De parkeerplaatsen zijn achter heggen verstopt. Er is een Spar, een bakkerij, een slager waarop een Zwolse sterrenkok afkomt, en het café dat 'Nederlands beste biefstuk' belooft te serveren. Ook is er een nieuwe school en kulturhus. Oene mag klein zijn, het is wel levendig.

Een veelvoorkomend misverstand is dat dorpjes een centrum moeten hebben, legt Reijmer al wandelend uit. "Dorpen ontstaan op kruisingen van wegen", zegt hij. "Hier zit de slager, daar verderop de bakker. Ze hoeven niet naast elkaar te zitten. Alles is vlakbij." Wie een plein in een dorp wil aanleggen, vraagt dus niet om stadse fratsen. Wel om een praktische open ruimte voor dorpsactiviteiten. Gezellig groen, geen winderige klinkervlakte.

Soms denkt Reijmer als hij een onbekende plaats binnenrijdt: 'Wat is dit een verwaaid dorp'. Dan probeert hij de geesten rijp te maken voor grote bomen op de plek van verdwenen grote dorpspanden. Liever heggen dan hekken. Een hek, hoe mooi ook gesmeed, straalt volgens hem uit dat de gemeente zich terugtrekt. Heggen vragen om zorg. In Bergharen (gemeente Wijchen) ziet Reijmer veel losse gebouwen door elkaar. Het oude korfbalveld moet extra functies krijgen. Maar een nieuw kulturhus staat er dwars voor en onttrekt het veld aan het zicht. Zorg eerst maar eens voor een logische verbinding vanuit het dorp, denk daarna maar eens na over nieuwe gebruiksvormen, adviseerde de dorpsbouwkundige.

In Oene moet nog blijken waartoe Reijmers advies leidt. Maar bestuursleden van Oener Belang komen met Reijmers advies beter beslagen ten ijs tijdens hun gesprek met gemeentebestuurders. Ook bestuurders zullen er blij mee zijn, denkt de dorpsbouwkundige. "Op gemeentehuizen verdwijnt door bezuinigingen veel deskundigheid."

 

Deskundig advies voor ruimtelijke problemen

De 'dorpsbouwkundige' is een initiatief van de Verenging van Kleine Kernen Gelderland. De 135 aangesloten dorpsverenigingen in Gelderland kunnen aankloppen voor deskundig advies voor kleinere ruimtelijke problemen. Ze kunnen zich melden met vragen bij VKK Gelderland, bijvoorbeeld over woningbouw. Deze vereniging beoordeelt de ruimtelijke vraag en stuurt een deskundige van Gelders Genootschap naar het dorp. Het moet gaan om vragen die door 'dorpsbouwkundigen' in twaalf uur te beantwoorden zijn. Door een provinciale bijdrage van 20.000 euro aan deze dienstverlening, betalen dorpsverenigingen een bescheiden uurtarief. De Vereniging van Kleine Kernen Gelderland streeft ernaar dat gemeenten zelf een beleid voor kleine kernen ontwikkelen, en daarbij geld reserveren voor dorpsbouwkundigen.